McDD
(Multiple-complex Developmental-Disorder)
Kinderen
met deze stoornis vormen een subgroep binnen de groep kinderen met PDD-NOS.
McDD
is dus geen ernstiger vorm van PDD-NOS of minder ernstige vorm van autisme.
Het
is een aparte ontwikkelingsstoonis met als kern een
informatieverwerkingsprobleem.
Dat
informatieverwerkingsprobleem vertoont kenmerken zoals gezien worden bij
autisme, maar ook kenmerken zoals die worden aangetroffen bij angststoornissen
en schizofrenie.
Behandeling
is gericht op het geven van structuur, het voorkomen en dempen van de angsten en
het bevorderen van de gezonde mogelijkheden en vaardigheden.
Bij
jongeren met McDD is de puberteit met name een spannende fase, omdat met name in
die periode het gevaar voor een psychotische ontwikkeling niet ondenkbeeldig is.
In
de volwassenheid blijven ze moeite houden met contacten en dikwijls ook in het
denken.
Ze
blijven meestal aangewezen op hulp en begeleiding.
De
symptonen van McDD zijn te verdelen in drie groepen:
1. Stoornissen in de
regulatie van affecten [angst en agressie: angst schiet door in paniek en
boosheid in woede].
a.
intense angst of gespannenheid.
b.
vreesachtigheid of fobie meestal voor ongebruikelijke situaties of voorwerpen.
c.
paniekaanvallen
of periodes van gedragsmatige terugval met driftbuien/woedeaanvallen.
d.
stemmingsschommelingen
e.
frequente
oninvoelbare, bizarre angstreacties.
2. Stoornissen in de
gevoeligheid voor sociale signalen en stoornissen in het sociale gedrag in
relatie tot leeftijdsgenoten en volwassenen.
a.
sociale desinteresse, vermijden van sociale contacten of grenzeloze contactname,
ondanks aanwezige sociale vaardigheden.
b.
ontbreken
van bestendige relaties met leeftijdsgenoten.
c.
aanklampende
haat-liefderelaties met name met volwassenen [met name de ouders].
d.
diep
gebrek aan empathie en het vermogen om zich te verplaatsen in de gedachtes en
gevoelens van anderen.
3. Stoornissen van het denken
[hak op de tak springen, bizarre fantasieën]
a.
onlogische gedachtegang of plotseling onnavolgbare gedachtesprongen [magisch
denken, neologismen]
b.
verwarring
tussen fantasie en werkelijkheid.
c.
gemakkelijk
verward raken
d.
overwaardige gedachten [grootheidsideeën, verhoogde achterdocht]
Behandeling M.C.D.D.
Doel: gezonde kanten van het kind stimuleren door het aanleren van
doeltreffende sociale vaardigheden en opbouwen van een positief zelfbeeld.
Essentieel is een goede voorlichting van kind en omgeving over de
stoornis.
De meer specifieke behandeling speelt zich bij MCDD (en PDD-NOS) tenminste af
op meerdere niveaus:
- de aanpassing van de omgeving
- veranderingen van het individu doormiddel van cognitieve gedragstherapie
- medicatie.
De aangepaste omgeving, moet een omgeving zijn waarin vooral emotionele
veiligheid en overzichtelijkheid gewaarborgd wordt. Veduidelijking en begrenzing
zijn daarbij de leidende principes
Bij gedragstherapie leert het kind stap voor stap iets over de oorzaak en de
gevolgen van het eigen en andermans gedrag. Toetsing van ideeën aan de
realiteit, passend gedrag aanleren voor bepaalde situaties. In de
gedragstherapie wordt gewerkt aan de hand van schema's die betrekking hebben op
oorzaak en gevolgen van gedrag. Ook de gedachten over de gebeurtenis worden
verwerkt.
Medicatie wordt voorgeschreven door kinder en jeugdpsychiater.